Onderzoek
Bij problemen op school kan een onderzoek of test vaak duidelijkheid verschaffen. Hoe gaat dat in zijn werk en welke rol spelen ouders daarbij?
Soms blijkt op school dat een kind gedragsmatige of cognitieve problemen heeft die niet ‘vanzelf’ oplossen. De leerkracht weet er de vinger niet op te leggen wat het precies is en de ouder evenmin. Een voorbeeld: een kind blijft in groep 3 achter met lezen en schrijven, terwijl het met rekenen wel ‘op niveau’ zit. Extra leeslessen op school en ijverig oefenen thuis leiden niet tot resultaat. Ander voorbeeld: een kind gedraagt zich angstig in de klas, vindt geen aansluiting en is nogal eens het mikpunt van pesterijen. Aandacht van de groepsleerkracht voor ‘het groepsproces in de klas’ heeft niets veranderd aan de positie van het kind.
In het eerste voorbeeld zou nader onderzoek kunnen uitwijzen of het kind ‘laat leesrijp’ is, of wellicht dyslectisch. In het tweede zou de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind onderzocht kunnen worden. In beide gevallen gaat het om individuele onderzoeken die plaatsvinden naast het reguliere scala aan tests en toetsen waar ieder schoolkind mee te maken krijgt.
Om het juiste niveau van het kind te bepalen kan ik een vooronderzoek afnemen. Vanuit het onderzoek kan er dan een goed handelingsplan gemaakt worden, afgestemd op de ontwikkeling van uw kind. Het onderzoek bestaat uit verschillende toetsen die het niveau van het kind bepalen. Er worden toetsen afgenomen op het gebied van lezen, spellen, begrijpend lezen, rekenen en faalangst. Het onderzoek bestaat uit een intakegesprek, het onderzoek van een ochtend, een onderzoeksverslag en een adviesgesprek.